AVONTUURLIJK TUINIEREN * Als auteur van het boek Van Tegeltuin naar Jungle is mijn missie helder: tegels eruit, natuur erin! Ik ben echt helemaal van de biodiverse, levende tuin. Minder hittestress, betere waterberging en meer ruimte voor bijen, egels en vogels. Dus toen ik laatst de vraag kreeg hoe ik dacht over het slim inzetten van tuintegels, moest ik lachen. Ik en tegels? Dat is alsof een vegetariër reclame maakt voor de slager, toch? Nou, nee. Niet helemaal…
Hoe wild en groen mijn ideale dwaaltuin ook is, de praktijk van het buitenleven vraagt hier en daar ook om een tikkeltje comfort. Leven met de natuur betekent juist ook lekker buiten kunnen zitten. En dan heb je toch wat tegels nodig.
Wel tuintegels op het terras
Ik heb al vaker geschreven over alternatieve, natuurlijke verharding zoals houtsnippers, boomschors, perzikstenen of grind, zie deze blog. Dat soort materialen zijn fantastisch voor kronkelende tuinpaadjes in je dwaaltuin. Het water zakt er direct in weg en het oogt avontuurlijk. Maar als je op dat soort materiaal een tuintafel en stoelen zet, dan is dat toch altijd een hoop gehannes. Iedereen die weleens met zijn stoelpoten heeft zitten knarsen in het grind, of wiebelt op een zachte ondergrond van houtsnippers, weet: voor een terras is dat gewoon niet ideaal. Je wilt stabiel kunnen zitten met een drankje of kop thee, zonder dat je stoel scheef wegzakt . Een klein, bewust gekozen stukje échte verharding voor je terras is dus simpelweg heel functioneel. Het zorgt ervoor dat je júíst vaker en intenser van je omliggende jungle geniet.
Ook merk ik dat je in een kleine tuin procentueel net even wat meer verharding nodig hebt, omdat je je fiets, bolderkar, koffer of kliko soms uit de schuur of een verre hoek moet rollen, en over houtsnipperpaadjes gaat dat vaak ook net even wat lastiger. Ik zeg dus: tegels wippen waar het kan, bewust verharden waar het gewoonweg echt fijner en comfortabeler is.
Kies onverslijtbaar en natuurlijk

Mijn huidige terras is in de jaren zeventig gelegd met van die klassieke grindtegels. Ik zie nu dat daar allerlei steentjes uit beginnen los te laten, ik heb zitten kijken of ik daar een vervanging voor ga zoeken. De vraag is dan: hoe zit het met de duurzaamheid van tuintegels materiaal? Want als ecobewuste tuinier wil ik geen plastic composiet of chemicaliën in mijn tuin.
Ik ben in de wereld van de keramische tuintegels gedoken en dat leverde een verrassend groene blik op. Keramiek is namelijk een 100% natuurproduct. Het bestaat volledig uit klei, zand en mineralen rechtstreeks uit de natuur. Uiteraard moet dat in ovens worden gebakken en kost dat energie. De keramische sector heeft het energieverbruik de afgelopen decennia gelukkig gehalveerd door restwarmte slim te hergebruiken en fabrieken te moderniseren. Bovendien worden misbaksels direct weer vermalen tot grondstof en is er nauwelijks afval.
Letterlijk duurzaam
De échte ecologische winst zit hem in de levenscyclus. Keramische tegels zijn nagenoeg onverslijtbaar. Ze rotten niet, splinteren niet, trekken niet krom en zijn bestand tegen extreme vorst en uv-straling. Waar je bijvoorbeeld een houten vlonder na verloop van tijd ziet verweren en gevaarlijk glad ziet worden door algen, of een composiet vlonder ziet kromtrekken, gaan deze tegels moeiteloos vijftig tot honderd jaar mee. Omdat je het materiaal waarschijnlijk nooit meer hoeft te vervangen, is de uiteindelijke milieu-impact per jaar extreem laag. En een fijn praktisch pluspunt voor de ecologische tuinier: groene aanslag krijgt nauwelijks grip op het harde oppervlak, waardoor je nooit met schadelijke middeltjes aan de slag hoeft om je terras schoon te krijgen. Een bezem en een emmer regenwater is genoeg.
Balans in de jungle
Het draait in de natuur allemaal om biodiversiteit, en in de tuinindeling om balans. Een terras hoeft geen gigantische landingsbaan te zijn. Richt je terras functioneel in, zorg dat het regenwater rondom het terras direct de weelderige borders in kan stromen, en kies voor materialen die een leven lang meegaan. Ben je momenteel je tuin aan het herinrichten en zoek je, naast al dat groen, nog een stevige en duurzame basis voor je tuinstoelen? Dan kun je dus met een gerust hart keramische tuintegels kopen. Zo creëer je een comfortabele uitvalsbasis, midden in jouw eigen dwaaltuin.
Zo kies je de juiste kleur tuintegels

Ikzelf neig naar een lichte grijs óf een zandkleur in verband met de kleur van mijn dakgoten óf de kleur van mijn houten aanbouw.
Met stalen kun je terplekke goed bepalen wat het beste matcht met de omgeving.
Als je de website van een specialist bekijkt, zie je tientallen tinten voorbijkomen. Het kiezen van de juiste kleur is een kwestie van smaak, maar bepaalt ook hoe je tuin aanvoelt en hoe vloeiend de overgang van binnen naar buiten is. Waar moet je op letten?
1. De ligging van je terras
- Terras op het noorden of oosten: Dit terras vangt minder direct zonlicht en kan sneller wat koeler of schaduwrijker aanvoelen. Kies hier voor warmere zandkleuren, beige, travertin-look of lichte taupe-tinten. Dit reflecteert het weinige licht op een zachte manier en brengt optisch ‘warmte’ in een schaduwtuin.
- Terras op het zuiden of westen: Hier staat de zon de hele dag op te bakken. Vermijd té donkere tegels zoals antraciet of zwart. Keramiek houdt warmte goed vast, waardoor een gitzwart terras in de zomer gloeiend heet kan worden aan de voeten. Bovendien kan fel zonlicht op een spierwitte tegel verblindend werken. Kies op het zuiden liever voor middengrijs, vergrijsde natuurtinten of een rustige betonlook.
2. Kijken naar je huis: gevels en kozijnen
De gouden designregel is: zoek verbinding met (bouw)materialen en tinten die er al zijn.
- De gevelsteen als richtlijn: Heb je een klassieke rode of bruine bakstenen gevel? Dan breng je rust door te kiezen voor een contrasterende, neutrale tegel in middengrijs of een subtiele natuursteenlook. Heb je een moderne, wit gestucte gevel of een strakke grijze steen? Dan past een rustige betonlook daar perfect bij.
- De kozijnen als accent: Heb je stoere, zwarte of antracietkleurige kozijnen? Dan is het prachtig om een tegel te kiezen waarin die donkere tint heel subtiel terugkomt, bijvoorbeeld in de aders van een natuursteenlook, zonder dat het hele terras direct donker hoeft te worden.
3. Welke sfeer wil je creëren?
Kleur en textuur bepalen de identiteit van je terras. Ik noem even twee uitersten:
- Vakantie-sfeer: Wil je het gevoel van een zonnige vakantieland creeren, kies dan voor warme aardetinten, zandkleur, ivoor of een zachte travertin. Deze lichtere, warmere kleuren vormen een zacht contrast met diepgroene planten, wuivend siergras en terracotta potten.
- Design-sfeer: Houd je meer van een strakke, architectonische lijnvoering in je jungle? Dan zijn betonlook tegels of strakke natuursteenlooks in zilvergrijs tot diep antraciet jouw match. Deze koele, rustige tinten laten de organische vormen van grote bladeren er uitspringen.
Tip: Bestel online eerst een paar samples of ga naar een showroom om de tegels buiten in het daglicht te bekijken. Leg ze naast je gevel én naast een groene plant op de plek waar ze straks zouden moeten komen te liggen. Pas dan zie je écht wat het licht met de kleur doet.
Deze blog schreef ik in samenwerking met tegelsinhuis.nl, ik schrijf van alles over natuurlijk tuinieren.
